Columns

Columnist:

Soest In Stukjes

Steenhoffstraat

Of ik die avond op tijd thuis ben. Geen punt. Nou, dat is dan geregeld. Mijn vrouw wil de club daar in Artishock niet laten wachten. Ik ben niet erg nieuwsgierig dus ik informeer maar eens voorzichtig om wat voor een club in Artishock het nu weer gaat. Ik verneem dat het om de schilderclub gaat.

Columnist:

Soest In Stukjes

Oranjelaan

Meneer Kuyt, onze zaakwaarnemer, waarschuwt ons nog keer voor die advocaat van de duivel bij de rechtbank in de VS. We zitten in een benauwd zaaltje waar de video conference met New York wordt gehouden. Droom ik? Of is de vijf al tamelijk ver in de klok?

Columnist:

Soest In Stukjes

Oranjelaan

Meneer Kuyt gaat mijn zaak te New York behartigen. Daar ligt de complete nalatenschap van mijn nichtje voor me klaar. Maar voordat ik verder ga een correctie. Het is niet alleen mijn zaak. Wanneer Willy mijn nichtje is, is Willy ook het nichtje van mijn broer.

Columnist:

Soest In Stukjes

Oranjelaan

Weet je wie er nu ook dood is? Willy, mijn nichtje uit Amerika. Ik heb over haar nog in een stukje geschreven. Inderdaad, dat ik met haar heb geslapen. Weliswaar ieder in een ander bed, het opklapbed, maar wel op mijn kamer.

Columnist:

Soest In Stukjes

Praamgracht

Natuurlijk kan Thomas bij ons logeren. Een dag, een week of twee weken? Geen punt. Hoe meer zielen, toch? Daarbij is Thomas een leuke, vrolijke jongen. Dus als Connie, zijn moeder, een week of twee weken iets heel moeilijks voor Joop in de wijde wereld moet doen komt Thomas bij ons logeren.

Columnist:

Soest In Stukjes

Stadhouderslaan

Waarschuwing: nodig mij nooit uit om bij u te komen eten. Het is goed bedoeld. U wilt misschien meer willen weten over mijn stukjes. Doe het niet. Het wordt niets. Stel u vangt het etentje aan met soep. Zelf getrokken.

Columnist:

Soest In Stukjes

Regentesselaan

Het gaat goed. Vooral met meneer Pas, Joop voor vrienden. Moet je zien waar ik nu weer naar fysiotherapie moet. Naar een van de grootste huizen op de Regentesselaan. Daar is alles anders, behalve meneer Pas. Hij zegt trouwens ook dat het goed met mij gaat.

Spoorstraat

Het is gemeen. Moet je horen. Ik ben klaar op de lagere school. Meer dan zes klassen zijn er niet. En nu? Waar moet ik naartoe? Ja, de andere kinderen weten naar welke school ze gaan. In het speelkwartier scheppen ze er over op. Een paar gaan naar Baarn, anderen naar Amersfoort.

Korte Brinkweg

Moeder heeft zo haar adresjes. Ook voor mijn spastische benen en de rest. Het is in een klooster, over het spoor te Hilversum. Daar woont een man in een jurk met warme handen. Als straalkacheltjes houdt hij ze voor en achter mijn hoofd. Het is vast een gek gezicht en het helpt voor geen meter.

Pagina's