Stadhouderslaan

Ik bemoei me nooit met de rekrutering van huishoudelijke medewerkers. Onbegonnen werk. Daarin heeft Anna toch het eerste en het laatste woord. Ik kom pas in beeld wanneer de medewerkster in kwestie de baan lang en breed in de tas heeft. Als volgt word ik dan voorgesteld: O ja, dit is mijn man. Als u gaat stofzuigen moet zijn kamerdeur dicht, want hij kan niet tegen het geluid. En daar sta je dan als lulletje dat niet eens tegen het geluid van een stofzuiger kan en dat staat heus niet lekker.

Een keer gaat het bijna mis. In Soest moet weer iemand voor het huishouden komen. Anna zelf heeft het te druk met schrijven. Geheel in stilte hoop ik op een mevrouw uit Spakenburg. Zonder erg te overdrijven vind ik een mevrouw uit Spakenburg, Bunschoten mag ook, wel iets hebben. In mijn jeugd zie ik die verklede mevrouwen altijd heel hard en stevig fietsen, als een vlucht regenwulpen. Zeg en ze hebben ook allemaal van die heerlijk, frisse, rode armen. Nou, en die zijn echt niet afkomstig van de zonnebank in Spakenburg of Bunschoten. Dat rood komt door de noeste arbeid op Paleis Soestdijk. Kennelijk kan Prins Bernhard daar heel goed tegen stofzuigergeluid.

Maar het gaat dus bijna mis in Soest. Want onze nieuwe medewerkster aan wie ik word voorgesteld als de man met een stofzuigerafwijking wil me geen hand geven. Kan ik best billijken, echt waar. Wanneer ze van haar God ergens in het Oosten de handen straks maar wel uit de mouwen mag steken.

Ook doet onze nieuwe huishoudelijke hulp me herinneren aan die vluchtelingenclub in het andere dorp. Uiteraard maakt Anna daar deel van uit. Heel de vertrapte mensheid is in goede handen bij mijn vrouw. De bovengenoemde club heeft slechts een probleem. Niet noemenswaardig, maar toch: er is geen vluchteling te bekennen. Hoe vaak de club ook vergaderd. En geloof me de notulen zijn prachtig in orde en de hapjes en drankjes mogen er ook zijn. Maar een vluchteling, ho maar.

Hoewel? De club scoort tenslotte toch een man die enige grenzen illegaal heeft overschreden. Onmiddellijk wordt een extra vergadering belegd en gaat de vlag uit. Maar wat een teleurstelling. De vluchteling behoeft helaas alleen maar een vergunning om te vissen. Anna regelt het document in een ommezien.

Zo eenvoudig gaat het bij onze nieuwe interieurverzorgster niet. Ze vangt niet met haar werkzaamheden aan wanneer er nog een man in huis is. Ergo, ik ben een paar weken nogal vroeg op de zaak en dat is nu ook weer niet de bedoeling, vinden ze op de zaak. Nog een geluk dat de nieuwe interieurverzorgster een wijs besluit neemt en haar baan vacant stelt. Logisch. Ze komt niet voor niets uit het oosten.

Boudewijn Paans