Soesterbergsestraat

Bij de fameuze reclameman Willem de Groot in Amersfoort werk ik dus samen met Piet Schrijvers, de meer dan beroemde doelverdediger van SEC. En de rolverdeling is ongeveer als volgt.

Ik schrijf teksten letterlijk voor Jan en alleman. Dus voor een Volkswagen garage, die zit te springen om monteurs, maar ook voor een kinderwagenfabrikant te Tilburg, die het heeft voorzien op zwangere mevrouwen. Nou, en Piet zorgt er dan weer voor dat mijn teksten ter post worden bezorgd.

Tussen twee haakjes vind ik de laatste zin ook belachelijk, maar begin jaren zestig is ter post bezorgen de gewoonste zaak van de wereld, zelfs in Amersfoort.

Maar dan krijg ik mijn eerste, echte opdracht buiten de deur. Ik moet de wereldberoemde Kip carávans in Soesterberg gaan zien. Ja, weet Willem de Groot, dan kun je beter over die 'huisjes op wielen' schrijven.

Om in Soesterberg het reclamebureau een beetje naar behoren te representeren mag ik in vaders goed gewassen Renault die wereldberoemde Kip caravans gaan bekijken. Willem de Groot informeert of ik geheel gek ben geworden. Een Renault? Een roestbak op wielen. Het reclamebureau rijdt alleen maar Volkswagen, trouwens ook een klant van Willem de Groot.

Als ik dan tegen mijn hoogste baas zeg dat ik vanwege mijn spasticiteit alleen maar in een Renault Dauphine mag rijden, komt hij niet meer bij. Willem de Groot belt wel even met het RDW. Zijn vriendje is daar de baas. Bij hem moet ik maar afrijden. Voor de vierde of vijfde keer, rij ik af. Maar nu in een Volkswagen. Naar Kip ben ik trouwens op de fiets gegaan.

(Wordt vervolgd)

Boudewijn Paans